Balie Brussel

Ik zoek een advocaat

Wat bij problemen?

Wanneer u een beroep doet op een advocaat en zo cliënt bij hem wordt, verwacht u van die advocaat dat hij u juridisch zo goed mogelijk bijstaat. U verwacht dat hij u informeert over uw rechten en over de mogelijkheden om die rechten af te dwingen. Bedoeling is dat hij u bijstaat in de loop van de juridische procedures die hij voor u voert. U rekent erop dat hij u tijdig over de ontwikkelingen in die procedures informeert en met u overlegt over de stappen in en de kosten van deze procedures.

Toch kan het gebeuren dat de zaken niet verlopen zoals u had verwacht.

Hierna vindt u terug hoe u dan kunt handelen en hoe de Orde van Advocaten omgaat met uw eventuele klachten over uw advocaat.

1. Bespreek de kwestie met uw advocaat.

Bent u niet tevreden over de prestaties van uw advocaat of over de honoraria die hij u aanrekent? Dan laat u dat best eerst aan uw advocaat zelf weten. Want nogal wat klachten zijn het gevolg van communicatiestoornissen. In vele gevallen helpt het ze gewoon uit te praten. Al kan zo'n gesprek er natuurlijk ook toe leiden dat uw wegen en die van uw advocaat scheiden, maar dan is er tenminste duidelijkheid. Misschien aarzelt u toch om de kwestie met uw advocaat zelf te bespreken of weet u niet precies hoe uw ontevredenheid over de prestaties van uw advocaat uit te drukken. Misschien ook reageert uw advocaat afwijzend of helemaal niet op uw klachten. In die gevallen kunt u terecht bij de Orde van Advocaten van de balie waarvan uw advocaat lid (1) is, en meer bepaald bij de stafhouder bij die balie, want die is er het hoofd van.

2. Schrijf naar de stafhouder.

Om aan de stafhouder van de Orde van Advocaten uw ongenoegen kenbaar te maken over de prestaties van uw advocaat, schrijft u hem best een brief. In die brief geeft u aan waarom u ontevreden bent over uw advocaat en wat u precies wenst. Voeg er zo mogelijk bewijsstukken aan toe. En vergeet vooral niet uw naam en adres te vermelden. U kan ook e-mailen naar orde@baliebrussel.be
Afhankelijk van de aard van uw klacht en de concrete situatie, heeft de stafhouder dan vier mogelijkheden.
De stafhouder kan proberen te bemiddelen tussen u en uw advocaat. Hij kan daartoe zowel uw advocaat als uzelf voor een onderhoud uitnodigen. Gaat uw klacht - onder meer - over de honoraria die uw advocaat u aanrekent, dan kan de stafhouder u en uw advocaat voorstellen om het geschil voor te leggen aan een scheidsgerecht. Hierover leest u meer onder punt 3. Gaat het geschil niet rechtstreeks over honoraria maar veeleer over de werkwijze van uw advocaat, dan kan de stafhouder de zaak (laten) onderzoeken en zelf trachten op te lossen. De stafhouder kan de advocaat ook onderwerpen aan een tuchtprocedure, indien deze de gebruikelijke gedragsregels in de advocatuur - de zogenaamde deontologie - blijkt niet te hebben nageleefd. Tot die gedragsregels behoort de plicht van de advocaat om te doen wat zijn cliënten inzake informatie en vakkundige bijstand redelijkerwijze van hem kunnen verwachten. Over de tuchtprocedure leest u meer onder punt 4. Zo nodig kan de stafhouder u melden dat u met uw klacht over de prestaties van uw advocaat naar een rechtbank dient te stappen, omdat hijzelf noch de Orde van Advocaten deze klacht kunnen behandelen. Dit is met name het geval als u denkt door een beroepsfout van uw advocaat schade te hebben geleden. Normaliter wordt de verzekeringsmaatschappij van de betrokken advocaat dan bij het geschil betrokken, maar indien die verzekeringsmaatschappij niet spontaan tot een schikking is te bewegen, moet de zaak door een gewone rechtbank worden beslecht. Dit is ook het geval wanneer hetzij uzelf, hetzij uw advocaat weigert om het geschil aan een scheidsgerecht voor te leggen. U hebt dus altijd het recht om de zaak voor een rechtbank te brengen, maar in de regel gaat het sneller en is het goedkoper via de stafhouder een geschil met uw advocaat op te lossen.

3. Het scheidsgerecht (arbitrage)

Welk soort klachten kunt u voorleggen aan de arbitrage door de Orde van Advocaten?
Sinds begin 2002 kunt u een betwisting over de honoraria van uw advocaat aan het scheidsgerecht van de Orde voorleggen, zelfs wanneer u ook de kwaliteit van zijn werk betwist. Kwaliteitsbetwisting kan ruim geïnterpreteerd worden: het kan ook gaan over een slechte bereikbaarheid van de advocaat, het meedelen van (te) weinig informatie over het procedureverloop, het te laat verstrekken van advies.

Geschillen over de beroepsaansprakelijkheid van de advocaat daarentegen kunnen niet aan deze arbitrage worden voorgelegd. Dergelijke geschillen kunnen - zoals uiteengezet onder punt 2 - alleen door de gewone rechtbanken worden beslecht.

Wat kost het? De kostprijs van een arbitrageprocedure door de Orde van Advocaten is laag. Voor het opstarten van een arbitrageprocedure dient de klagende partij een basisbedrag van 62,50 euro te betalen. Voor procedures die over een som gaan van meer dan 5.000 euro, wordt dat basisbedrag opgetrokken tot 125 euro. Voor procedures die over meer dan 12.500 euro gaan, is dat 187,50 euro. En voor procedures waarin meer dan 25.000 euro op het spel staat, dient een bedrag van 250 euro te worden betaald. Is de honorariumbetwisting gerezen nadat u al een andere advocaat hebt geraadpleegd, dan kan de stafhouder u - in afwachting van de uitspraak van het scheidsgerecht - vragen het bedrag van het betwiste honorarium geheel of gedeeltelijk op een speciale rekening te storten. Meestal trouwens zal de stafhouder dat doen, want op die manier worden zowel uw rechten als die van uw vroegere advocaat veiliggesteld, terwijl uw nieuwe advocaat u in de betrokken procedure verder kan verdedigen.
Wie zijn de arbiters? De arbiters in het scheidsgerecht zijn een of meerdere leden of oud-leden van de Raad van de Orde, die door de stafhouder werden aangesteld om in alle neutraliteit over dergelijke aangelegenheden te oordelen.

Hoe verloopt de arbitrageprocedure door de Orde van Advocaten?Er is geen arbitrage mogelijk zonder dat de betrokkenen - zowel uzelf dus als de advocaat met wie u een geschil hebt - er uitdrukkelijk akkoord mee gaan het geschil aan de arbitrage door de Orde van Advocaten voor te leggen. Dat akkoord geeft u door een specifieke overeenkomst ter zake te ondertekenen. Een daartoe te gebruiken modelovereenkomst vindt u op het secretariaat van de Orde2. Eenmaal de arbitrageovereenkomst door u en uw advocaat is ondertekend, kan alleen het scheidsgerecht over het geschil nog een oordeel vellen. Voor alle duidelijkheid: een arbitrageprocedure is niet hetzelfde als een verzoenings- of bemiddelingsprocedure. In een verzoenings- of bemiddelingsprocedure wordt een bemiddelaar aangesteld om de partijen te helpen een minnelijke schikking te vinden en dus niet om een oordeel te vellen. Het scheidsgerecht dat in een arbitrageprocedure is aangesteld, doet echter wel een uitspraak om het geschil te beslechten. De uitspraak die door een scheidsgerecht wordt gedaan, is bindend voor de partijen die hun geschil aan dat scheidsgerecht hebben voorgelegd. De arbitrageprocedure verloopt soepel en snel. Anders dan bij procedures voor de gewone rechtbanken, gelden in arbitrage geen grote vormvereisten. Maar natuurlijk worden de essentiële rechten van beide partijen ook in arbitrage ten volle gerespecteerd. Zo kunt u door het scheidsgerecht gehoord worden, wanneer u daarom vraagt. Bovendien heeft u het recht om getuigen door het scheidsgerecht te laten horen. Arbitrage is strikt vertrouwelijk. Dit betekent dat de zittingen niet openbaar zijn en dat de uitspraken niet publiek worden gemaakt. Uzelf noch uw advocaat dienen daarom bevreesd te zijn dat de zaak in de openbaarheid komt. Dit vertrouwelijk karakter van de procedure staat doorgaans borg voor het serene verloop ervan. Tegen een arbitrale uitspraak door het scheidsgerecht van de Orde van Advocaten is geen beroep mogelijk. In die zin verschilt de arbitrage van de procedures voor de gewone rechtbanken, waar meestal wel een hoger beroep mogelijk is.

4. Tuchtprocedure.

Een tuchtprocedure wordt niet beslecht door een scheidsgerecht, maar door de Raad van de Orde van Advocaten. Het is de stafhouder die de tuchtprocedure inzet. Hij kan dat doen op basis van een klacht van een cliënt of van een ander advocaat. Maar ook wanneer de stafhouder zelf verneemt dat iets niet volgens de gedragsregels van de advocatuur lijkt te zijn verlopen, kan hij een tuchtprocedure opstarten. Als klager neemt u aan de tuchtprocedure niet deel. Zo bepaalt de wet het uitdrukkelijk, al wordt momenteel overwogen deze wettelijke bepaling te wijzigen. Een tuchtprocedure wordt volledig binnen de Orde van Advocaten afgehandeld. Wanneer u bij de Orde een klacht hebt ingediend tegen uw advocaat, kunt u bij de stafhouder wel inlichtingen inwinnen over het gevolg dat aan uw klacht werd verleend. Maar de wet bepaalt dat de stafhouder u slechts mag inlichten nadat een definitieve uitspraak in de tuchtprocedure is gedaan. Een tuchtprocedure kan ook een uitvloeisel zijn van een arbitrageprocedure. Nadat over uw klacht door het scheidsgerecht uitspraak is gedaan, stopt de procedure voor u. Werd uw klacht afgewezen, dan kunt u geen hoger beroep instellen. Ook uw advocaat kan geen hoger beroep instellen tegen de arbitrale uitspraak. Maar de uitspraak door het scheidsgerecht sluit niet uit dat achteraf tegen uw advocaat nog een tuchtprocedure wordt opgestart, omdat uw advocaat inbreuken blijkt te hebben gepleegd op de gedragsregels van de advocatuur, de zogenaamde deontologie.


1. Tot de Nederlandse Orde van Advocaten bij de balie te Brussel behoren alle advocaten die kantoor houden te Brussel en voor de Nederlandse Orde hebben gekozen. Verder ook alle advocaten met kantoor in de kantons Asse, Grimbergen, Overijse, Halle, Herne - Sint-Pieters-Leeuw, Kraainem, Sint-Kwintens-Lennik, Sint-Genesius-Rode, Vilvoorde, Sint-Pieters-Woluwe, Wolvertem - Meise en Zaventem.

Naar boven