Toon menu

Wat bij onenigheid met mijn advocaat?

Wanneer u een beroep doet op een advocaat, verwacht u van die advocaat dat hij u juridisch zo goed mogelijk bijstaat. U verwacht dat hij u informeert over uw rechten en over de mogelijkheden om die rechten af te dwingen. Toch kan het gebeuren dat de zaken niet verlopen zoals u had verwacht.

Hierna vindt u hoe u dan kunt handelen en hoe de Orde van Advocaten omgaat met uw eventuele klachten over uw advocaat.

U kan meer informatie vinden op de website van de Orde van Vlaamse Balies.

 

1. Bespreek de kwestie met uw advocaat

Bent u niet tevreden over de prestaties van uw advocaat of over de honoraria die hij u aanrekent? Dan laat u dat best eerst aan uw advocaat zelf weten. Want nogal wat klachten zijn het gevolg van communicatiestoornissen. Misschien reageert uw advocaat afwijzend of helemaal niet op uw klachten. In die gevallen kunt u terecht bij de Orde van Advocaten van de balie waarvan uw advocaat lid is, en meer bepaald bij de Stafhouder bij die balie, want die is er het hoofd van.


2. Schrijf naar de Stafhouder

Om aan de Stafhouder van de Orde van Advocaten uw ongenoegen kenbaar te maken over de prestaties van uw advocaat, schrijft u hem aan. U geeft aan waarom u ontevreden bent en wat u wenst. Voeg er zo mogelijk bewijsstukken aan toe.

Afhankelijk van de aard van uw klacht en de concrete situatie, heeft de Stafhouder dan vier mogelijkheden.

  • De stafhouder kan proberen te bemiddelen tussen u en uw advocaat.
  • Gaat uw klacht  over de erelonen die uw advocaat u aanrekent, dan kan de stafhouder u en uw advocaat voorstellen om het geschil voor te leggen aan een advies, of taxatie, of bemiddeling of arbitrage.
  • Gaat het geschil niet rechtstreeks over erelonen maar over kwaliteitsproblemen, dan kan de Stafhouder de zaak onderzoeken en zelf trachten op te lossen.
  • Zo nodig kan de stafhouder u melden dat u met uw klacht over de prestaties van uw advocaat naar een rechtbank dient te stappen, omdat hijzelf noch de Orde van Advocaten deze klacht kunnen behandelen. Dit is met name het geval als u denkt door een beroepsfout van uw advocaat schade te hebben geleden.


3. Tuchtprocedure

Indien de gedragsregels van de advocaat, de zgn. deontologie, niet zijn nageleefd, dan kan een tuchtprocedure worden opgestart.

Enkele voorbeelden:

  • Beroepsgeheim: alle informatie die u uw advocaat toevertrouwt en die alleen voor hem bestemd is, mag uw advocaat niet openbaar maken, tenzij dat net noodzakelijk is voor de verdediging van uw belangen bv. in een procedure.
  • Een som geld die uw advocaat voor u ontvangt, wordt op een speciale afzonderlijke rekening (derdenrekening) gestort. Hij moet u het bedrag binnen de kortste keren bezorgen.
  • Een advocaat moet doen wat hij zegt. Een advocaat oefent zijn beroep niet behoorlijk uit als hij bv. belooft om een procedure te starten zonder het te doen.

Een tuchtprocedure wordt beslecht door een Tuchtraad en door een Tuchtraad in Beroep. Een tuchtprocedure gaat over de deontologische fouten door de advocaat gemaakt. De wet bepaalt dat de Stafhouder u slechts mag inlichten nadat een definitieve uitspraak in de tuchtprocedure is gedaan.


4. Erelonen

De deontologische regelen van de Nederlandse Orde van Advocaten bij de balie te Brussel bepalen zekere wijzen van behandeling van ereloongeschillen.

a. Het niet-bindend advies
Zowel de advocaat als de cliënt kunnen schriftelijk aan de Stafhouder vragen dat door een lid van de Raad van de Orde een advies wordt uitgebracht over een ereloonstaat. Dit advies bindt de partijen niet en is niet vertrouwelijk.

b. Taxatie op tegenspraak
Partijen kunnen hetzij op eigen initiatief hetzij op uitnodiging van de Stafhouder beroep doen op een taxatie op tegenspraak. De Stafhouder duidt een gewezen lid van de Raad van de Orde aan als taxateur. De taxateur nodigt de partijen uit hun opmerkingen schriftelijk en op tegenspraak te laten gelden. Het gegeven advies is wel gemotiveerd doch niet bindend en niet vertrouwelijk. Indien één van de partijen het advies niet volgt dan kan de zaak enkel nog voor de rechtbank aanhangig worden gemaakt. Vermits het advies niet vertrouwelijk is, mag uiteraard dit advies in de rechtspleging worden overgelegd. De taxateur deelt de taxatiebeslissing mee aan de Stafhouder.

c. Bemiddeling
De Stafhouder kan een verzoener of erkend advocaat-bemiddelaar aanstellen in een ereloongeschil. Er bestaat immers een 'verzoeningskamer ereloongeschillen', bestaande uit twee oud- leden van de Raad van de Orde en plaatsvervangers, eveneens oud-leden van de Raad van de Orde. De verzoeningskamer is bevoegd om te verzoenen in ereloongeschillen. Wanneer de staat van kosten en erelonen van een advocaat wordt betwist, roept de Stafhouder, indien hij van oordeel is dat een verzoening mogelijk is, de advocaat en zijn cliënt op om samen te verschijnen voor de verzoeningskamer.

d. Arbitrage
Er zijn verschillende manieren om een geschil op te lossen. Zo kan men bijvoorbeeld een akkoord sluiten, men kan een procedure voor de rechtbank starten enz.

Arbitrage is zo een mogelijkheid om een geschil op te lossen. Bij een arbitrage is het niet een rechter die de discussie oplost en een beslissing neemt, maar wel een ‘arbiter’. Dit kan één persoon zijn maar ook meerdere, meestal dan drie, het ‘arbitragecollege’ genoemd.

Wanneer is er abitrage? Dit is mogelijk wanneer partijen in hun oorspronkelijke overeenkomst (bijvoorbeeld een knoop) zijn overeengekomen dat ze bij een discussie geen beroep doen op de rechtbank, maar op een arbiter.

Ook bij betwistingen over ereloon tussen een advocaat en zijn cliënt is arbitrage mogelijk. Sinds 2002 kunt u een betwisting over de erelonen van uw advocaat aan het scheidsgerecht van de Orde voorleggen.

Er is geen arbitrage mogelijk zonder dat de betrokkenen er uitdrukkelijk akkoord mee gaan het geschil aan de arbitrage door de Orde van Advocaten voor te leggen. Dat akkoord geeft u door een specifieke overeenkomst ter zake te ondertekenen. Een daartoe te gebruiken modelovereenkomst vindt u op het secretariaat van de Orde. Eenmaal de arbitrageovereenkomst door u en uw advocaat is ondertekend, kan alleen het scheidsgerecht over het geschil nog een oordeel vellen.

Een arbitrageprocedure is niet hetzelfde als een verzoenings- of bemiddelingsprocedure. In een verzoenings- of bemiddelingsprocedure wordt een bemiddelaar aangesteld om de partijen te helpen een minnelijke schikking te vinden en dus niet om een oordeel te vellen. Het scheidsgerecht dat in een arbitrageprocedure is aangesteld, doet echter wel een uitspraak om het geschil te beslechten.

De uitspraak die door een scheidsgerecht wordt gedaan, is bindend voor de partijen die hun geschil aan dat scheidsgerecht hebben voorgelegd. De arbitrageprocedure verloopt soepel en snel. Anders dan bij procedures voor de gewone rechtbanken, gelden in arbitrage geen grote vormvereisten

Arbitrage is strikt vertrouwelijk. De zittingen zijn niet openbaar en de uitspraken worden niet publiek gemaakt. Uzelf noch uw advocaat dienen daarom bevreesd te zijn dat de zaak in de openbaarheid komt.

Tegen een arbitrale uitspraak door het scheidsgerecht van de Orde van Advocaten is geen beroep mogelijk.


5. Ereloonadviezen op verzoek van de rechtbank

Het gebeurt regelmatig dat de rechtbank waar een ereloonbetwisting aanhangig is het advies vraagt van de Raad van de Orde. In dat geval stelt de Stafhouder uit de leden of oud-leden van de Raad een verslaggever aan die, na partijen te hebben gehoord, voor de Raad verslag zal uitbrengen. Het advies wordt opgesteld in de taal van de rechtspleging voor de betrokken rechtsmacht en wordt aan de rechtbank en aan de partijen meegedeeld. Het blijft evenwel slechts een advies en is uiteraard niet bindend voor partijen noch voor de rechtbank.