Toon menu

Verklarende woordenlijst

a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z

arbitrage

Er zijn verschillende manieren om een dispuut (in het juridisch taalgebruik spreekt men van een 'geschil'), op te lossen. Zo kan men bijvoorbeeld een akkoord sluiten, men kan een procedure voor de rechtbank starten enz. 

Arbitrage is zo een mogelijkheid om een geschil op te lossen. Bij een arbitrage is het niet een rechter die de discussie oplost en een beslissing neemt, maar wel een "arbiter". Dit kan één persoon zijn maar ook meerdere, meestal dan drie, het "arbitragecollege" genoemd. 

Wanneer is er arbitrage? Dit is mogelijk wanneer partijen in hun oorspronkelijke overeenkomst (bijvoorbeeld een koop) zijn overeengekomen dat ze bij een discussie geen beroep doen op de rechtbank, maar op een arbiter. 

Ook bij betwistingen over ereloon tussen een advocaat en zijn cliënt, is vaak arbitrage mogelijk. Sommige balies voorzien in de mogelijkheid om de discussie voor te leggen aan een arbiter. Meer informatie vindt u bij Wat bij oneingheid met mijn advocaat?

Meer informatie vindt u ook op de website van VOBA - de Vlaamse Organisatie voor Bemiddeling en Arbitrage - www.voba.be.

arrondissement

Dit is onderverdeling van het grondgebied van een staat. In België bestaan twee soorten arrondissementen:

  • gerechtelijk arrondissement
    Per gerechtelijk arrondissement zijn een aantal rechtbanken actief. Zo is er per gerechtelijk arrondissement één rechtbank van eerste aanleg, waartoe de correctionele rechtbank, de burgerlijke en de jeugdrechtbank horen, en één rechtbank van koophandel en een arbeidsrechtbank. Per gerechtelijk arrondissement is ook één Orde van Advocaten. Er zijn 28 gerechtelijke arrondissementen in België (en dus ook 28 Ordes of balies), 14 Vlaamse (behorend tot de Orde van Vlaamse Balies) en 14 Waalse (behorend tot de Ordre des barreaux francophones et germanophone).

  • administratief arrondissement
    Binnen een provincie vormen een aantal gemeenten een administratief arrondissement. Dit is een administratieve indeling, bijvoorbeeld van belang bij de verkiezingen. Er zijn 41 administratieve arrondissementen in België.

avocats.be

De beroepsorde van de Frans- en Duitstalige advocaten in België (www.avocats.be). Vroeger OBFG.

B.U.B.A.

Een advocaat-stagair (voor meer informatie zie stage) heeft verschillende verplichtingen tijdens zijn stage. Zo wordt hij in zijn dagelijks werk begeleid door een stagemeester (ook patroon genoemd), moet hij nog lessen volgen (de beroepsopleiding) en hierover examens afleggen en moet hij meewerken aan de tweedelijnsbijstand.

Wanneer hij met succes de beroepsopleiding heeft gevolgd en de examens heeft afgelegd, bekomt hij het B.U.B.A-attest. 

'B.U.B.A.' staat voor 'bekwaamheidsattest tot het uitoefenen van het beroep van advocaat'. De stagiair behaalt dit attest dus niet aan de universiteit (waar hij reeds vijf jaar heeft gestudeerd), maar wel daarna.                   

Balie

Elke advocaat is verplicht lid van een Balie of een Orde van Advocaten. De leden van de Balie verkiezen een Stafhouder en de leden van de Raad van de Orde, die instaan voor de dagelijkse werking. Alle 14 Vlaamse balies zijn lid van de Orde van Vlaamse Balies.

Balie van Cassatie

Om een burgerlijke procedure te voeren voor het Hof van Cassatie, het hoogste rechtscollege in België, moet men een beroep doen op een advocaat die is ingeschreven aan de balie bij het Hof van Cassatie. Op dit ogenblik zijn 19 advocaten lid van deze balie. De namen zijn hier terug te vinden.

De advocaten bij deze balie behoren niet tot de Orde van Vlaamse Balies, of tot de Ordre des barreaux francophones et germanophone.

Voor meer informatie kan u terecht op www.advocass.be.

baliebijdrage

Dit is het bedrag dat een advocaat jaarlijks moet betalen aan zijn balie. Dit bedrag verschilt van balie tot balie en varieert naargelang het aantal jaren dat de advocaat aan de balie verbonden is. 

In deze baliebijdrage is o.m. de verzekering beroepsaansprakelijkheid inbegrepen. Een advocaat is zo verzekerd voor eventuele schade die hij heeft veroorzaakt bij de uitoefening van zijn beroep.

bemiddeling

Er zijn verschillende manieren om een dispuut (in het juridisch taalgebruik spreekt men van een 'geschil'), op te lossen. Zo kan men bijvoorbeeld een akkoord sluiten, men kan een procedure voor de rechtbank starten, enz. 

Bemiddeling is zo een mogelijkheid om een geschil op te lossen. In het gewone taalgebruik heeft bemiddeling veel betekenissen, maar hier gaat het specifiek om de bemiddeling zoals die in de wet van 21 februari 2005 (B.S. 22 maart 2005) wordt geregeld. 

Bij deze bemiddeling doen partijen een beroep op een onafhankelijke derde, de bemiddelaar genoemd, wiens taak erin bestaat de partijen te helpen om zelf, met volledige kennis van zaken, tot een oplossing te komen die voor beide partijen aanvaardbaar is. 

Niet alleen advocaten kunnen als bemiddelaar optreden. Een erkend bemiddelaar heeft altijd een speciale opleiding gevolgd en is erkend door de Federale Bemiddelingscommissie. Er zijn ook niet-erkende bemiddelaars.

De website van de Federale Overheidsdienst Justitie bevat zeer veel informatie over bemiddeling.

Meer informatie vindt u ook bij bemiddeling.

beroepsgeheim

Het beroepsgeheim is een van de basiswaarden van het beroep van advocaat. De informatie die een cliënt aan zijn advocaat toevertrouwt, is vertrouwelijk en mag door hem niet openbaar gemaakt worden, tenzij dat net noodzakelijk is voor de verdediging van de belangen van die cliënt, bijvoorbeeld in een procedure.

beroepsopleiding

Met de beroepsopleiding worden de stagelessen bedoeld. 

Een advocaat-stagiair moet stagelessen volgen. Verschillende balies samen organiseren stagelessen voor hun stagiairs. Het gaat voornamelijk om praktische lessen, bijvoorbeeld over communicatie, kantoororganisatie e.d.m. Wanneer de stagiair met succes de beroepsopleiding heeft gevolgd en de examens heeft afgelegd, bekomt hij het B.U.B.A-attest. 'B.U.B.A.' staat voor "bekwaamheidsattest tot het uitoefenen van het beroep van advocaat". De stagiair behaalt dit attest dus niet aan de universiteit (waar hij reeds vijf jaar heeft gestudeerd), maar wel daarna.

Zie ook Stageschool.

BJB

Elke balie heeft een Bureau voor Juridische Bijstand, 'BJB' genoemd. Vroeger heette dit het 'pro deo bureau'. Bij dit BJB kan de burger die slechts een beperkt inkomen heeft, terecht voor de aanstelling van een advocaat voor zijn probleem.

Deze regeling noemt men de juridische tweedelijnsbijstand. Alle informatie hierover, nl. de adressen, wie in aanmerking komt en welke documenten men moet meebrengen, vindt men terug op de website bij juridische tweedelijnsbijstand.

Daarnaast is er ook de juridische eerstelijnsbijstand, zie bij 'eerstelijnsbijstand' en bij 'CJB'.

CJB

Elke balie heeft een BJB voor de organisatie van de juridische tweedelijnsbijstand, en daarnaast heeft elk gerechtelijk arrondissement (zie arrondissement) een Commissie voor Juridische Bijstand, het 'CJB'. 

Het CJB staat in voor de organisatie van de juridische eerstelijnsbijstand. Op verschillende plaatsen (Justitiehuis, rechtbanken, OCMW's, …) organiseert het CJB zitdagen ('permanenties') waar elke burger, ongeacht zijn inkomen, terecht kan voor een eerste, gratis, oriënterend juridisch advies. Dit advies wordt gegeven door een advocaat. 

Alle informatie hierover (adressen en wat men precies kan vragen) vindt men op juridische eerstelijnsbijstand.

conclusies of besluiten

In een procedure voor de rechtbank zal de advocaat mondeling en/of schriftelijk de belangen van zijn cliënt verdedigen. De mondelinge verdediging wordt het pleiten genoemd. Vaak wordt het standpunt ook opgeschreven, dit zijn dan besluiten of conclusies, opgesteld door de advocaat en overgemaakt aan de andere partij en aan de rechtbank. Er wordt dan door de andere partij ook schriftelijk geantwoord op die conclusies. 
Naargelang de rechtbank en de soort procedure wordt er minder of meer (mondeling) gepleit.

confrater

De aanspreektitel die advocaten onderling gebruiken.

dagvaarding

Een dagvaarding is één van de mogelijkheden om een vordering voor de rechtbank te brengen. De gerechtsdeurwaarder bezorgt dan de dagvaarding aan de betrokken persoon. Andere middelen van oproeping zijn bijvoorbeeld het verzoekschrift en de gerechtsbrief. In sommige zaken is het verplicht om een dagvaarding te gebruiken, in andere zaken niet.

deontologie (of plichtenleer)

Een advocaat moet een aantal bijzondere regels naleven. Deze regels worden voornamelijk door de Orde van Vlaamse Balies of door zijn/haar eigen Orde opgesteld. De advocatuur heeft eigen procedures om het overtreden van die regels te sanctioneren (zie tuchtprocedure).

derdenrekening

De advocaat moet een afzonderlijke rekening gebruiken om voor cliënten of derden financiële verrichtingen te doen. Deze rekening wordt 'derdenrekening' genoemd.
De OVB heeft hierover een reglement opgesteld.

eerstelijnsbijstand

Elke balie heeft een BJB voor de organisatie van de juridische tweedelijnsbijstand, en daarnaast heeft elk gerechtelijk arrondissement (zie arrondissement) een Commissie voor Juridische Bijstand, het 'CJB'. 

Het CJB staat in voor de organisatie van de juridische eerstelijnsbijstand. Op verschillende plaatsen (Justitiehuis, rechtbanken, OCMW's…) organiseert het CJB zitdagen ('permanenties') waar elke burger, ongeacht zijn inkomen, terecht kan voor een eerste, gratis, oriënterend juridisch advies. Dit advies wordt gegeven door een advocaat.

Alle informatie hierover (adressen en wat men precies kan vragen) vindt men op juridische eerstelijnsbijstand.

ere-advocaat

De titel van "ere-advocaat" is een eretitel die kan worden gegeven aan een gewezen advocaat. Het is de Raad van de Orde die deze titel verleent.

ereloon

Voor zijn prestaties vraagt de advocaat een ereloon, dit is dus zijn vergoeding, ook wel 'honorarium' genoemd. Er bestaan geen vaste tarieven voor soorten procedures. Het ereloon kan op verschillende wijzen worden berekend: volgens een uurtarief, de waarde van de zaak, enz. 

Meer informatie vindt u bij Kosten en erelonen.

gerechtelijk jaar

Een gerechtelijk jaar start op 1 september en eindigt op 31 augustus. Na de gerechtelijke vakantie start een nieuw gerechtelijk jaar. Een kalenderjaar of burgerlijk jaar is een jaar van 1 januari tot 31 december.

gerechtelijke vakantie

De gerechtelijke vakantie start op 1 juli en eindigt op 31 augustus. Tijdens deze maanden zijn er slechts een beperkt aantal zittingen, vooral de dringende zaken.  

gerechtsbrief

Dit is een speciale aangetekende brief verzonden aan de rechtzoekende en/of aan zijn advocaat, door de griffier van een rechtbank. Dit kan een oproeping zijn voor een zitting van de rechtbank of een mededeling van een vonnis of arrest, enz.

jonge balie

Binnen elke Orde van Advocaten is een Conferentie van de Jonge Balie actief. Bij de Nederlandse Orde van Advocaten bij de Balie te Brussel heet dit het Vlaams Pleitgenootschap. Bij de Balies van Gent en Antwerpen heet dit de Vlaamse Conferentie, andere Vlaamse Balies gebruiken de naam "Conferentie van de Jonge Balie". 

De Conferentie van de Jonge Balie organiseert tal van activiteiten. Zij staat in voor de organisatie van de Plechtige Openingszitting van die Balie en organiseert discussieavonden, vormingsactiviteiten en activiteiten van socio-culturele aard.

modelcontract

Dit is een document tussen een advocaat en een particuliere persoon dat de Orde van Vlaamse Balies heeft opgesteld waarin afspraken over de samenwerking tussen advocaat en cliënt kunnen worden vastgelegd, zoals over het ereloon. De OVB spoort iedereen aan om dit document te gebruiken.

Nationale Orde van Advocaten

De Nationale Orde van Advocaten van België bestond tussen 1967 en 2002, als overkoepelend orgaan van alle 28 Ordes van Advocaten in België. Aan het hoofd stond een Deken. Op 7 februari 1998  stichtten de Vlaamse balies de Vereniging van Vlaamse Balies die, sinds 1 mei 2002, de Orde van Vlaamse Balies is geworden en waarvan alle 14 Vlaamse Balies lid zijn (inwerkingtreding K.B. 17.02.2002). Langs Frans- en Duitstalige zijde bestaat avocats.be.

onafhankelijkheid

De advocaat is onafhankelijk. Hij hangt niet af van de overheid, de rechter, zelfs niet van zijn cliënt. T.a.v. de cliënt betekent dit dat hij erop mag vertrouwen dat de advocaat de belangen van de cliënt verdedigt, zonder dat hier voor de advocaat enig persoonlijk voordeel aan verbonden is.

De onafhankelijkheid is één van de peilers van het beroep van advocaat. De advocaat staat iemand bij ten overstaan van de 'macht' (vroeger: de vorst, nu de staat, de rechtbanken). Daarom moet de advocaat onafhankelijk zijn van de machten. In een democratie is dit essentieel. Om die onafhankelijkheid te kunnen bewaren, heeft de advocaat een Orde nodig.                

Orde van advocaten

Zie ook balie.

Waarom een Orde? Met een 'Orde' wordt aangeduid dat de beroepsgroep zelf haar eigen regels maakt en sanctioneert. Dit is essentieel wegens de noodzakelijke onafhankelijkheid van de advocaat. De advocaat is de tegenspreker van het gezag: de advocaat kan een persoon of groep bijstaan in zijn verdediging tegen de 'macht'. In een democratie is een onafhankelijke advocatuur essentieel.

OVB of Orde van Vlaamse Balies

De Orde van Vlaamse Balies (OVB) vertegenwoordigt alle 13 Nederlandstalige balies van België, in totaal meer dan 9.800 advocaten. 

Elke advocaat is in België verplicht lid van een lokale balie, en dus van één van de Ordes van Advocaten.

pro deo

Het gaat om de aanstelling van een advocaat voor een persoon met een beperkt inkomen. Deze aanstelling kan gebeuren voor een uitgebreid juridisch advies of voor een procedure voor de rechtbank.

Meer informatie vindt u op juridische tweedelijnsbijstand.

Raad van de Orde

De leden van de balie verkiezen een Stafhouder en de leden van de Raad van de Orde die instaan voor de dagelijkse werking van de balie. Zie ook Stafhouder en de Raad van de Orde voor de huidige samenstelling van de Raad van de Nederlandse Orde.

rechtsplegingsvergoeding

Wie een proces verliest, wordt in beginsel verplicht een rechtsplegingsvergoeding te betalen aan de tegenpartij. Dit is een wettelijk vastgelegd bedrag dat varieert naargelang de aard van de zaak (rechtbank en hoogte van de vordering).

De rechtsplegingsvergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij. Deze vergoeding mag niet als een honorariumtarief worden beschouwd want ze beoogt niet de totale recuperatie van de kosten- en honorariumstaat. 

De rechtsplegingsvergoeding kan maar worden toegekend indien de in het gelijk gestelde partij zich door een advocaat laat vertegenwoordigen.

De advocaat van de partij die dit bedrag ontvangt, mag dit bedrag in mindering brengen van zijn ereloon.

Stafhouder

De leden van de balie verkiezen een Stafhouder en de leden van de Raad van de Orde die instaan voor de dagelijkse werking. De Stafhouder is het hoofd van de Orde.

Patrick A. Dillen werd verkozen tot Stafhouder van de Orde vanaf 1 september 2016 voor een periode van 2 jaar.

stage

Ieder beginnend advocaat moet drie jaar stage doorlopen. Dit houdt verschillende verplichtingen in. In de eerste plaats staat een advocaat met jarenlange beroepservaring hem bij in zijn dagelijkse praktijk. Deze advocaat wordt de stagemeester of patroon genoemd. Gedurende die drie jaar mag de stagiair zelfstandig alle zaken behandelen.

De advocaat-stagiair volgt stagelessen (of beroepsopleiding genoemd) en behandelt zaken in het kader van de tweedelijnsbijstand.

Zie ook Stageschool.

toga

Dit is het 'uniform' van de advocaat dat hij verplicht moet aantrekken als hij voor de rechtbank pleit. Het bestaat uit een lang zwart 'kleed' (wollen stof), vooraan gesloten, met wijde mouwen en vooraan een witte geplooide bef. Op de linkerschouder ligt een stuk zwarte wollen stof, op de schouder geplooid met aan elke uiteinde een witte pels. Het hoofddeksel, de baret of toque, wordt niet meer gedragen. Magistraten (rechters) dragen een toga die licht verschilt van de advocatentoga. Hun toga is vooraan glanzend.

tuchtprocedure

Een advocaat moet een aantal bijzondere regels naleven. Deze regels worden voornamelijk door de Orde van Vlaamse Balies of door zijn eigen Orde opgesteld. De advocatuur heeft eigen procedures om het overtreden van die regels te sanctioneren. Deze procedure noemt men de tuchtprocedure en is in 2006 vernieuwd. 

In de eerste plaats is de Stafhouder van de balie waartoe de advocaat behoort, bevoegd om een geschil tussen advocaat en cliënt op te lossen. Alle informatie op Wat bij onenigheid met mijn advocaat?

tweedelijnsbijstand

Dit werd vroeger "pro deo" genoemd. 

Het gaat om de aanstelling van een advocaat voor een persoon met een beperkt inkomen. Deze aanstelling kan gebeuren voor een uitgebreid juridisch advies of voor een procedure voor de rechtbank.

Alle informatie kan u terugvinden op juridische tweedelijnsbijstand.

verzoekschrift

Dit is een brief met vermelding van specifieke gegevens om een vordering voor de rechtbank te brengen. Een verzoek aan de rechtbank dus, vandaar de term 'verzoekschrift'. Andere mogelijkheden zijn: een dagvaarding of een gerechtsbrief. Een verzoekschrift kost minder dan een dagvaarding, maar soms is een dagvaarding verplicht.

voorkeurmaterie

Een advocaat kan bij zijn Balie aanduiden welk soort recht en dus welke soort zaak hij bij voorkeur behandelt. De gekozen voorkeurmateries verschijnen bv. op onze website, als u de naam van de advocaat typt bij Zoek een advocaat.

Niet alle advocaten kiezen uitdrukkelijk voor een voorkeurmaterie en behandelen heel verschillende soorten zaken. U kunt dus ook altijd aan een advocaat vragen of hij de nodige ervaring heeft om uw zaak te behandelen en/of hij de zaak wil behandelen. Het is de advocaat die vrij zijn voorkeurmateries aanduidt. Deze vermelding gebeurt uitsluitend onder zijn verantwoordelijkheid en bindt de overheid van de Orde niet.

vrij beroep

De advocatuur is een vrij beroep. Hiermee wordt aangeduid dat het gaat om een zelfstandige beroepsactiviteit met een dienstverlenend karakter, die geen handelsactiviteit is. Het beroep staat onder toezicht van een Orde of instituut die eigen beroepsregels opmaakt. Vrije beroepen zijn bv. advocaten, geneesheren, architecten. Iemand die een vrij beroep uitoefent, ontvangt een ereloon op basis van een ereloonnota of debetnota, in tegenstelling met de handelaars die facturen uitschrijven.